marcusampe
Administrator
Jr. Member
    
Posts: 92

|
 |
« Reply #1 on: November 13, 2009, 11:36:38 AM » |
|
“Vergeldt geen kwaad met kwaad; als men u uitscheldt, scheldt dan niet terug. Integendeel, zegent elkander, opdat gij de zegen verwerft waartoe gij geroepen zijt. Want Wie het leven liefheeft en gelukkige dagen wil genieten, weerhoude zijn tong van het kwade en zijn lippen van het spreken van bedrog.” (1Petrus 3:9-10 WV78)
“Maar deze mensen beschimpen wat zij niet begrijpen, en wat zij met het instinct van redeloze dieren wel begrijpen, wordt hun ondergang.” (Judas 1:10 WV78)
In zijn eerste brief waarschuwt Petrus ons tegen de zonde van de tong. Kwaadsprekerij, bedrieglijkheid, dubbeltongig spreken. In de Boeken staat dat diegene die van het leven houdt en gelukkig wil zijn, zijn tong in bedwang moet houden en geen leugen over zijn lippen mag laten komen. Wij moeten onze tong behoeden voor die dingen die leugen brengen. “(34:14) Bewaar uw tong voor wat kwaad brengt, uw lippen voor leugenarij.” (Psalmen 34:13 WV78)
Kwaadsprekerij en roddel zijn bij veel mensen een leuke bezigheid, maar wij als Christenen horen hier niet aan mee te doen. Door te roddelen kunnen wij mensen kwetsen en brengen wij mensen op verkeerde gedachten. Dikwijls gebruiken mensen roddel om dingen, zoals frustraties, van zich af te schudden. Het wordt dikwijls ook gebruikt om het doel van pesten te verleggen naar een ander. Indien wij van het leven houden en willen uitkijken naar een eeuwig leven moeten wij ons distantiëren van kwaadsprekerij. Wij moeten dan vermijden ons in problemen te werken door verkeerde dingen te zeggen of te doen. Ook al worden wij omgeven door mensen die het slecht voor hebben met een ander moeten wij steeds proberen vriendelijk en nederig te zijn. Wij mogen geen achterdocht koesteren of geen kwaad met kwaad willen vergelden. Als iemand ons beledigt of scheldt op ons, moeten wij dat trachten op te vangen in alle vriendelijkheid en dan niets lelijks terug zeggen, maar hem het beste toe wensen. Wij moeten vriendelijk voor andere mensen zijn; dan zal God ons zegenen. “Vergeldt geen kwaad met kwaad; als men u uitscheldt, scheldt dan niet terug. Integendeel, zegent elkander, opdat gij de zegen verwerft waartoe gij geroepen zijt.” (1Petrus 3:9 WV78)
Het komt er op aan dat wij steeds een goed geweten weten te behouden, niet enkel door onze gedachten rein te houden, maar ook door ons spreken te bedwingen. Alsook moeten wij er niet op staan om het kwade met het kwade te vergelden, ook al wordt er gescholden op ons, of kwad over ons gesproken. Wij kunnen dit beter weerleggen door het goede voorbeeld te geven en het tegendeel te bewijzen door onze correcte houding. De vrede moeten wij najagen en rechtvaardigheid betrachten doch echter niet de vergelding. “Mijd het kwade, handel ten goede, zoek de vrede, tracht die te veroveren. Toornig ziet de Heer op de verstoorders, dat hun herinnering en voortbestaan uitsterft op aarde. De ogen van Jehovah zijn gericht op de rechtvaardigen, zijn oor vangt hun hulpgeroep op. Zij, [de rechtvaardigen] riepen, en Jehovah hoorde, en de Heer gaf hun antwoord, Hij heeft hen verlost uit hun noden.” (Psalmen 34:13-17) “Streeft naar vrede met alle mensen, en naar een heilig leven, want zonder dat zal niemand de Heer zien.” (Hebreeën 12:14 WV78)
In Christus Jezus hebben wij verlossing gekregen en hebben wij een voorbeeld gekregen hoe wij de lasten van vernedering en vervloeking kunnen dragen. Door Jezus dood zijn wij tot een nieuw leven gekomen en wij moeten dat waar maken. Zonder christelijke barmhartigheid is ons leven niets. Jezus zijn voorbeeld moet onze maatstaf zijn, maar moet ook onze sterkte zijn. Naar diegenen die ons met de tong kwetsen moeten wij vergevingsgezind toezien. Wij moeten hen hulpvaardig benaderen. Steeds moeten wij in gedachten houden dat mensen niet allemaal dezelfde gedachtegang kunnen hebben en ook niet het zelfde willen nastreven. Trouwens om één van geest te zijn is één van de moeilijkste dingen hier op aard. Indien mensen ons niet graag hebben omdat onze gedachte niet strookt met die van hun moeten wij hier kunnen over zien. Indien anderen gefrustreerd zijn door onze houding of door ons denken dan moeten wij hen vol medelijden benaderen en vergevingsgezind zijn. “Verblijdt u met de blijden en weent met hen die wenen.” (Romeinen 12:15 WV78) “Wanneer een lid lijdt, delen alle ledematen in het lijden; wordt een lid geëerd, alle delen in de vreugde.” (1 Corinthiërs 12:26 WV78) “Weest goed voor elkaar en hartelijk. Vergeeft elkaar zoals God u vergeven heeft in Christus.” (Efeziërs 4:32 WV78) “En vergeef ons onze schulden, zoals ook wij vergeven hebben aan onze schuldenaren. … “Want als gij aan de mensen hun fouten vergeeft, zal uw hemelse Vader ook u vergeven;” (Mattheus 6:12,14 WV78) Vergeving moet het eerst over onze lippen komen en liefdevolle toenadering. En indien wij toch getart worden moeten wij er aan denken dat het beter is tijdelijk af te zien hier op aarde, dan onze kansen te missen voor een eeuwig durend geluk. “Hoeveel beter is het, zo God het wil, te lijden voor het goede dat men doet dan straf te ondergaan voor misdrijven.” (1 Petrus 3:17 WV78)
Het vermijden van kwaad zal ons voor verder kwaad kunnen behoeden. “Doet dat aan, als Gods heilige en geliefde uitverkorenen, tedere ontferming, goedheid, deemoed, zachtheid en geduld.” (Colosensen 3:12 WV78) Het goed doen kan dan weer ander goeds over ons brengen. Het goeddoen moet voor ons verder tevredenheid en vreugde brengen alsook zal het ons de verzekering kunnen brengen voor een betere toekomst. Wij kunnen uitkijken naar een wereld vol vrede waar haat en nijd zijn uitgebannen. Onze ogen moeten steeds gericht zijn op het Koninkrijk van God waar volledige vrede, vriendelijkheid en liefde zullen heersen.
|